Men brengt in muren wel eens zogenaamde verzwaringen aan.
Muurverzwaringen brengt men aan om:
Balken of dakspanten te ondersteunen.
Muren van grote afmetingen te verstevigen bijvoorbeeld tuinmuren.
Zwakke muurdammen te verstevigen.
Deze muurverzwaring is 3 koppen breed.
Wanneer de muurverzwaring meer uitsteekt dan hij breed is spreken we over een steunbeer.
Steunberen komen we veel tegen bij oude kerken.
Ze dienden om de zeer hoge muren extra steun te geven.
Wanneer de muurverzwaring een klezoor buiten de muur steekt spreken we van een lisanen.
Lisanen worden gebruikt als muurversiering.
Als de verzwaring aan beide kanten van de muur minstens 1 kop uitsteekt spreken we van een 2-zijdige verzwaring of pilaster.
Kolommen:
Kolommen en pilasters worden veel toegepast bij tuinmuren.